Reactie Europese Commissie op vragen Kamer inzake nieuwe auteursrechtvoorstellen

De Europese Commissie heeft per brief gereageerd op vragen van de Eerste Kamer over de nieuwe auteursrechtvoorstellen van de Europese Commissie. Onderstaand vindt u een selectie van de voor het NUV meest relevante onderdelen van de reactie.

De commissie bevestigt dat de voorgestelde auteursrechtelijke uitzondering voor tekst- en datamining niet geldt voor commerciële ondernemingen. Volgens de commissie zou dat “negatieve gevolgen kunnen hebben voor de goed functionerende markt voor licenties“. Het NUV is het daarmee eens. Echter, volgens de commissie geldt de uitzondering wel voor publiek-private partnerships en onder voorwaarden ook voor particuliere onderzoeksinstellingen. Het NUV is in dat verband van mening dat (mede gelet op de driestappentoets) de markt voor licenties niet dient te worden doorkruist door een wettelijke uitzondering, dat daarvoor geen noodzaak bestaat, en wijst op de reeds bestaande vindbaarheid en beschikbaarheid van materiaal via CrossRef. Overigens zou een wettelijke uitzondering sowieso beperkt dienen te zijn tot onderzoeksinstellingen zonder commercieel doel, voor gebruik zonder commercieel doel en in het kader van een door de overheid erkend publiek onderzoeksbelang.

De voorgestelde uitzondering voor digitaal en onlinegebruik in het kader van illustratie bij het onderwijs geldt volgens de commissie alleen voor gebruik in een onderwijsinstelling of via een beveiligd netwerk dat alleen toegankelijk is voor studenten en onderwijzend personeel. Deze voorwaarde is volgens de commissie belangrijk “om ervoor te zorgen dat het op grond van de uitzondering toegestane gebruik alleen plaatsvindt in het kader van onder de verantwoordelijkheid van onderwijsinstellingen verrichte onderwijs- en leeractiviteiten”. Het NUV is het daarmee eens, maar is van mening dat de huidige Nederlandse voorwaarden dienen te blijven bestaan (bijvoorbeeld ten aanzien van korte gedeelten en de vereiste billijke vergoeding) en dat licenties dienen te prevaleren boven een wettelijke uitzondering.

De commissie spreekt haar steun uit voor het voorgestelde naburig recht voor uitgevers van nieuwsmedia en magazines. Dit uitgeversrecht geeft uitgevers van nieuwsmedia en magazines de mogelijkheid om eigen voorwaarden voor hergebruik op te stellen en op basis daarvan zelf overeenkomsten met derden, zoals internetplatforms, te sluiten. Dit zal leiden tot betere overeenkomsten over het verspreiden van digitale journalistieke producties. De commissie verwacht dat het uitgeversrecht geen negatieve gevolgen heeft voor internetgebruikers en consumenten.

De voorstellen van de Europese Commissie ten aanzien van de relatie met makers bieden weinig nieuws ten opzichte van de bestaande Nederlandse wetgeving. Het betreft transparantieregels ten aanzien van exploitatie, een bestsellerregeling en een invoering van een vrijwillige geschillencommissie. Verder gaat de commissie in haar reactie in op de voorgestelde regeling ten aanzien van user-generated-content platforms zoals YouTube en bepaalde omroepdiensten.